Reflectie op samenwerking: waarom het niet altijd zo zwaar hoeft
“Oh nee. Niet wéér een teamsessie.”
Er wordt een middag geblokt. Er ligt LEGO op tafel. We gaan weer serious play doen… Of misschien is er vooraf nog een 360 graden feedbackronde ingevuld. En iedereen weet: vandaag gaan we het hebben over onze samenwerking.
Terwijl er juist al behoorlijk wat spanning in het team zit.
De vorige teamsessie begon nog best leuk. Tot oude irritaties op tafel kwamen. De één vond eindelijk het moment gekomen om eens te vertellen wat hem al maanden dwarszat. Een ander schoot in de verdediging. En de mensen die makkelijk praten over gedrag, communicatie en persoonlijke ontwikkeling voerden vooral het woord.
Aan het einde was er van alles uitgesproken.
Maar was de samenwerking ook beter geworden?
Niet per se.
Sterker nog: soms stap je na zo’n sessie naar buiten met méér spanning dan waarmee je naar binnen ging.
Reflectie op samenwerking hoeft niet te beginnen bij wat er misgaat
Begrijp ons niet verkeerd: soms móéten dingen worden uitgesproken. Als er serieuze conflicten spelen, los je die niet op met een leuk spelletje.
Maar niet ieder team heeft behoefte aan nóg een sessie waarin alle onderlinge frustraties uitgebreid worden blootgelegd.
Reflectie kan ook veel kleiner en veiliger beginnen.
Niet met:
“Wat gaat er allemaal mis in onze samenwerking?”
Maar met:
“Hé, wat gebeurde hier eigenlijk net?”
Dat is een belangrijk uitgangspunt in veel van onze workshops.
We laten teams eerst samen iets doen. Daardoor ontstaat er vanzelf gedrag. Mensen nemen initiatief, wachten af, bedenken oplossingen, luisteren naar elkaar, drukken hun idee door, houden overzicht of zorgen juist dat iedereen aangehaakt blijft.
En dáár gaan we vervolgens naar kijken.
Een brug bouwen en ondertussen je eigen team ontdekken

Tijdens onze workshop Bruggenbouwen krijgt een team een gezamenlijke opdracht: bouw samen een brug.
Bij een organisatie combineerden we deze workshop met de uitkomsten van CliftonStrengths. De teamleden hadden dus al eerder onderzocht waar hun sterke punten lagen.
Maar weten wat je kracht is, is iets anders dan die kracht ook daadwerkelijk inzetten wanneer je met anderen moet samenwerken.
Dus het team ging bouwen.
Na een tijdje legden we het spel stil.
Wat gebeurde er tot nu toe?
Wie pakte welke rol? Welke kwaliteiten zagen collega’s bij elkaar? Wie nam veel ruimte? Wie had een goed idee, maar bracht dat nauwelijks in? En welke kracht had het team op dat moment juist harder nodig?
Dat gesprek gaat ineens ergens over.
Niet over die vergadering van vier maanden geleden waarin iemand zich niet gehoord voelde.
Maar over iets wat iedereen letterlijk vijf minuten geleden heeft zien gebeuren.
Een collega kan bijvoorbeeld zeggen:
“Volgens mij zie jij heel snel waar het naartoe moet, maar je wacht best lang voordat je dat uitspreekt.”
Of:
“Jij bent juist degene die steeds checkt of iedereen nog mee is. Volgens mij hebben we dat nu nodig, want we vliegen alle kanten op.”
Vervolgens gaat het spel verder.
En krijgt iemand dus direct de kans om iets anders te proberen.
Hoe kan ik mijn kracht in het volgende deel bewuster inzetten om ons als team verder te helpen?
Dan wordt reflectie geen beoordeling, maar een experiment.
Eerst ervaren, dan reflecteren

Dat is waarom we reflectie graag koppelen aan een gezamenlijke ervaring.
Tijdens Theater als Spiegel kijken deelnemers bijvoorbeeld naar een herkenbare werksituatie die door acteurs wordt gespeeld. Ze mogen de scène stilzetten en de acteurs andere aanwijzingen geven.
Wat gebeurt er als deze persoon nu eens doorvraagt?
Wat als de leidinggevende niet meteen met een oplossing komt?
Wat als je benoemt wat er in de kamer gebeurt?
De acteurs proberen het meteen uit.
Daardoor kun je letterlijk zien wat een kleine verandering in gedrag met de situatie doet.

Ook bij een Escape Room wordt gedrag zichtbaar zonder dat je mensen eerst vraagt om uitgebreid over zichzelf te praten. Zeker wanneer we die combineren met DISC of Insights Discovery. Onder tijdsdruk zie je vanzelf wie meteen in actie schiet, wie eerst wil analyseren, wie de groep bij elkaar probeert te houden en wie vooral naar de snelste oplossing zoekt.
Dat geeft genoeg materiaal om over te praten.
Maar het grote verschil is: we reflecteren op gedrag dat we zojuist samen hebben gezien en ervaren.
Reflectie mag ook gewoon leuk zijn
Misschien zijn we reflectie op samenwerking soms iets te ingewikkeld gaan maken.
Alsof je pas echt aan je team hebt gewerkt wanneer iedereen diep heeft gegraven, kwetsbaar is geweest en er minstens drie oude frustraties zijn uitgesproken.
Wij geloven daar niet in.
Samen lachen kan óók iets in beweging zetten.
Samen een opdracht uitvoeren kan inzicht geven.
Een collega in een totaal andere rol zien, kan ervoor zorgen dat je ineens een kwaliteit ontdekt die op kantoor nauwelijks zichtbaar wordt.
En een klein moment van feedback tijdens een spel kan soms veel makkelijker binnenkomen dan dezelfde boodschap tijdens een zwaar gesprek aan een vergadertafel.
Dat betekent niet dat je moeilijke onderwerpen uit de weg moet gaan.
Wel dat je niet altijd bij het moeilijkste onderwerp hoeft te beginnen.
Van terugkijken naar anders handelen
Goede reflectie op samenwerking gaat voor ons daarom niet alleen over terugkijken.
Het interessantste moment komt juist daarna:
Wat gaan we nu anders doen?
Dat kan tijdens Bruggenbouwen vijf minuten later al zichtbaar worden. Iemand neemt bewust wat minder ruimte. Een ander spreekt zich eerder uit. Het team stopt even voordat iedereen tegelijk begint. Of iemand zet een kwaliteit in die daarvoor nauwelijks werd benut.
Kleine veranderingen.
Maar wel veranderingen die mensen zelf hebben ervaren.
En dan voelt een teamsessie ineens niet meer als:
“Oh nee, wat gaan we vandaag allemaal bij elkaar blootleggen?”
Maar als een kans om samen te ontdekken:
Wat gebeurt er eigenlijk tussen ons — en hoe kunnen we dat nét iets slimmer doen?
Dat is voor ons reflectie op samenwerking: niet onnodig zwaar maken wat ook met plezier, nieuwsgierigheid en een beetje lucht kan worden onderzocht.


